Thema's

Verliefd

Je moet steeds maar aan haar te denken. Je krijgt kriebels van haar geur, haar stem. Je bent verliefd!

Misschien word je verliefd op afstand. Op een leuke lerares, een mooie zangeres of een stoere sportvrouw. Iemand die nooit verliefd zal worden op jou. Dat is lekker veilig: je hoeft er niks mee en kunt zwijmelen op een afstandje. Maar het is ook frustrerend: je kunt je gevoelens niet kwijt. Misschien val je op je beste vriendin of het meisje achter de bar. Je bent graag bij haar in de buurt, maakt grapjes of wordt juist verlegen van haar aandacht. Je kunt haar laten merken dat je haar leuk vindt. Zeg er iets over. Vraag haar een keertje mee uit of naar de film, zie daten. Verliefdheid heeft leuke en minder leuke kanten. Je voelt vlinders in je buik, bent licht in je hoofd en voelt je lekker in je vel. Maar het kan je ook verlegen, onzeker en onrustig maken. Je kunt niet eten of slapen, je voelt je misschien alleen met je gevoelens.  Als je op meiden valt, kan verliefdheid extra verwarrend zijn. Je kent mogelijk niemand met dezelfde gevoelens, of je bent bang dat je gepest zal worden. Je wilt het niet aan je vriendinnen vertellen of je valt alleen op hetero-meiden.

Het kan belangrijk voor je zijn om andere lesbische meiden te leren kennen. Je kunt daarvoor op zoek naar leuke feesten of een advertentie in Zij aan Zij of op internet zetten.

Verliefd zijn maakt seks geweldig, maar soms ook lastig en klunzig. Als je vrijt met iemand op wie je verliefd bent, voel je alles veel intenser. Je hebt veel energie en kunt de hele nacht doorgaan. Omdat je verliefd bent op haar, ben je extra gevoelig voor haar aanraking. Maar je kunt er ook verlegen van worden, bijvoorbeeld omdat het <de eerste keer> is dat je met haar vrijt en je nog niet goed weet wat ze lekker vindt.

Meer over vrijen lees je hier.

Teun (21): Een nieuw klasgenootje. Ze trok me meteen aan en ik wist niet waarom. Ik kende haar net en kon meteen aan niets anders meer denken. Ik was in de war, vrolijk en verdrietig tegelijk. Het duurde twee weken voor ik me realiseerde wat er aan de hand was: ik was verliefd. En wel op een meisje! Ik raakte totaal in paniek, voelde me vreemd en anders dan alle anderen. Ik kende niemand die 'ook zo' was en zelf wilde ik ook helemaal niet 'zo' zijn. Wanhopig probeerde ik verliefd te worden op jongens en af en toe had ik een tijdje 'verkering', om maar niet aan 'dat ene' te hoeven denken. Maar hoe ik mijn best ook deed, verliefd op jongens werd ik niet. [Meidenboek, p. 47]